Goldwasser Exchange

+32 (0)2 533 22 40
Van maandag tot vrijdag vanaf 08u30 tot 18u

Toegang klant

Omgekeerde rentecurve, japanificatie…wat wordt daarmee bedoeld? Wat moeten we doen?

Tijdens de zomermaanden hoorden we vaak spreken over de omgekeerde rentecurve en over de japanificatie van de eurozone. Wat wordt daarmee bedoeld? Waarom maken de financiële markten er zich zo druk over? Wat zijn de gevolgen er van voor de spaarder en hoe moet die er op reageren?

Is de omgekeerde rentecurve de voorbode van een recessie?

In een normale rentecurve staat de rente op lange termijn hoger dan die op korte termijn. Geld ontlenen op lange termijn kost namelijk meer dan geld ontlenen op korte termijn. In een omgekeerde rentecurve staat de wereld eigenlijk op zijn kop: de rente op korte termijn is dan namelijk hoger dan die die op lange termijn. Dat is momenteel het geval met de rentevoeten in de Verenigde Staten. Het feit op zich is niet nieuw, maar het baarde afgelopen zomer wel veel opzien. Dat had onder andere te maken met de verwachting dat de omgekeerde rentecurve beschouwd wordt als een signaal dat er een recessie op komst is aan de overkant van de Atlantische Oceaan. Wat moeten we daarvan geloven?

Het scenario van een omgekeerde rentecurve gevolgd door een recessie gebeurt meestal wanneer een centrale bank de rente een aantal keren heeft verhoogd. Ze doet dat om een oververhitting van de economie te bestrijden en om een te hoge inflatie terug te dringen. Het effect van die renteverhogingen is meestal 12 tot 18 maanden nadien merkbaar. Soms worden ze door de markt als overdreven of als te talrijk ervaren, waardoor met de komst van een recessie rekening wordt gehouden. De economie zou in dit geval krachtiger dan noodzakelijk afgeremd zijn. Een omgekeerde rentecurve weerspiegelt dus vaker de anticipatie op een recessie dan dat ze er daadwerkelijk één uitlokt.

Twee uitzonderingen

Een omgekeerde rentecurve weegt op de eerste plaats op de winstgevendheid van de banken. Die hun business model is namelijk gebaseerd op de rentespread. Banken geven een lagere rente op deposito’s en vragen een hogere rente op kredieten die ze (meestal op langere termijn) toestaan. Wanneer de rentecurve positief is, is ook de rentespread positief. Is dat niet het geval, dan kunnen de banken in de verleiding komen om de kosten voor kredieten te verhogen om het ontbreken van winst te compenseren. Dat kan een negatief effect hebben op het sentiment van de ondernemers, die investeringen zullen uitstellen waardoor de economie in meer of mindere mate zal vertragen.

Een ander gevolg van de omgekeerde rentecurve kan zijn dat de financiële markten die gaan beschouwen als een voorlopende indicator van een recessie. Ze zullen daarom in toenemende mate risico’s mijden, wat op zijn beurt een negatief effect op de economie heeft. Consumenten sparen meer, bedrijven stellen hun investeringen uit ...Zo kan er van een zichzelf vervullende voorspelling gesproken worden.

In de huidige situatie is de rente op korte termijn in de Verenigde Staten sinds 2015 en in Europa sinds 2011 niet meer gestegen. Integendeel zelfs, de rentevoeten op korte termijn zijn gedaald. Maar de rentevoeten op langere termijn zijn nog sterker gedaald, waardoor we dus inderdaad een omgekeerde rentecurve krijgen. De oorzaak van dit fenomeen moet worden gezocht bij de zoektocht van zowel institutionele als particuliere beleggers naar rendement.

Hoe zit het met de Japanificatie?

In verband met Europa wordt inderdaad van een Japanificatie gesproken en dit vanwege de negatieve rentevoeten. De Japanners kennen dit fenomeen namelijk al veel langer. Het is echter nog wat vroeg om al van Japanificatie te spreken, want het land van de rijzende zon wordt al bijna 30 jaar (met uitzondering van enkele jaren) geplaagd door deflatiedruk en het ontbreken van economische groei. Daar komt nog eens bovenop dat Japan wordt geconfronteerd met een snelle veroudering van de bevolking. Deze cocktail van factoren kennen we in Europa (nog) niet. 

Hoe moet de belegger reageren in deze situatie?

De realiteit van de negatieve rentevoeten kan in Europa dus niet ontkend worden. Ze dwingen de beleggers op zoek naar rendement om risico’s te nemen. Maar ze moeten ook met de groeivertraging van de economie op wereldvlak rekening houden. 

Beleggen in obligaties in euro van emittenten van minder goede kwaliteit

In dat verband verwijzen we naar de obligaties uitgegeven door Douglas, Eramet, Coty en Thyssen-Krupp, obligaties die vanwege de kleine coupures ook voor particuliere beleggers toegankelijk zijn. Aan Thyssen-Krupp heeft Oblis een apart artikel gewijd.

Beleggen in obligaties van mindere kwaliteit biedt een aantrekkelijker rendement, maar de emittenten van deze obligaties zijn onder andere vanwege een hoge schuldengraad vaak minder goed bestand om het hoofd te bieden aan problemen (verlies van contracten, verkleining van de marges, crisissituaties of een economische groeivertraging). Daarom is het noodzakelijk om rekening te houden met een voldoende grote tijdshorizon om het hoofd te kunnen bieden aan eventueel waardeverlies. Of zelfs om de obligaties in kwestie te verkopen indien dat noodzakelijk zou zijn.

Beleggen in obligaties met langere looptijden

In dat verband kijken we naar de obligatie AB Inbev Worldwide in USD die loopt tot 2042.

Beleggen in langer lopende obligaties brengt een risico met zich mee omdat deze obligaties gevoeliger zijn aan een stijging van de rentevoeten. Hoe langer de looptijd van de obligatie, hoe meer waarde die kan verliezen in geval van een stijging van de rente. Zover zijn we nog niet, maar met dergelijk scenario moet hoe dan ook eveneens rekening worden gehouden.

Beleggen in obligaties in andere valuta’s

Investeerders die deze risico's niet willen nemen kunnen obligaties met korte looptijden uitgegeven door emittenten van goede kwaliteit. Ze kunnen obligaties in dollar kiezen, zoals beklemtoond in onze artikel begin augustus. Of in valuta’s van opkomende markten. 

Bij voorbeeld in de obligatie van Rabobank in ZAR of in de obligatie in roebel van de International Financial Corporation

Daardoor lopen ze een wisselrisico. 

Conclusie

Mirakeloplossingen zijn helaas momenteel niet mogelijk. Zich bewust zijn van de risico’s en diversificatie van de portefeuille lijken momenteel de beste oplossingen.

De selectie van Oblis laat u toe om uw voorkeurkeuzes te maken op basis van criteria die voor u belangrijk zijn. Waarbij uiteraard rekening moet gehouden worden met de valuta’s, looptijden en emittenten die al in de portefeuille aanwezig zijn.