Goldwasser Exchange

+32 (0)2 533 22 40
Van maandag tot vrijdag vanaf 08u30 tot 18u

Toegang klant

Wie gaat uiteindelijk de rekening van de crisis betalen ?

Hoe de pandemie van het Coronavirus in de komende weken en maanden ook evolueert, één zaak staat als een paal boven water. De recessie die het virus veroorzaakt zal diep zijn, erg diep zelfs. Een crisis gaat steevast gepaard met een stroom van miserie en ellende: werkloosheid, faillissementen, armoede, verlies van koopkracht enzovoort. Het is nog te vroeg om de economische eindbalans van de crisis op te maken, rondom ons woedt het Coronavirus voorlopig nog altijd verder. Gelukkig staan de overheden klaar om volop geld in het systeem te pompen om de economie te redden. Maar wie zal uiteindelijk de rekening betalen ?

Het is inderdaad nog te vroeg om de volledige gevolgen van de pandemie in te schatten. Er zijn namelijk nog heel wat onzekerheden waarop we geen antwoord kennen. Niemand weet hoe die pandemie zich in de toekomst zal ontwikkelen. Laat staan dat we weten hoe groot de rekening zal zijn die de crisis achterlaat.  

Maar we hoeven ons geen illusies te maken: de economische schok zal enorm zijn en zal tot in de verste uithoeken van het economisch landschap gevoeld worden. Het Internationaal Monetair Fonds gaat uit van een terugval van het Bruto Binnenlands Product in de ontwikkelde landen met 5 tot 10%. In België rekenen de Nationale Bank en het Federaal Planbureau op een daling van het BBP met 8% in 2020. Dat komt neer op een gat van 30 miljard euro in juni 2020. Waarna de rekening kan oplopen tot 60 miljard euro einde 2021.

Het betreft hier bovendien ook nog eens een best case scenario. In dit scenario wordt er van uitgegaan dat de crisis weliswaar scherp zal zijn, maar ook van korte duur. Er wordt met andere woorden gerekend op een herstel in 2021. De gouverneur van de Belgische Nationale Bank heeft vertrouwen in de toekomst: de Belgische economie was goed op dreef voor de crisis en beschikt over verschillende troeven om te herstellen. Op voorwaarde echter dat het Coronavirus niet terugkeert in de herfst van dit jaar of in de loop van volgend jaar.

Op dit moment is de schok echter bijzonder hevig. Sommige sectoren zijn daarbij veel harder geraakt dan andere sectoren. We vermelden de bouw, de horeca, het toerisme, de concessiehouders in de autosector enzovoort. Gemiddeld hebben de bedrijven zowat 37% van hun omzet verloren. Bijna een miljoen Belgen is momenteel technisch werkloos. Het zijn cijfers die bijna onvoorstelbaar zijn. Volgens alle waarnemers is deze crisis erger dan die van 2008, want de besmetting heeft de economie op een brutale manier tot stilstand gebracht.

Het geld vloeit als water: wie gaat dat allemaal betalen ?

De overheden (zowel de federale regering als de gewestelijke en plaatselijke instanties) hebben snel gereageerd om de bedrijven te helpen en om de werknemers een handje te helpen bij het opvangen van de schok. Ze hebben geld beschikbaar gesteld om de tijdelijke werklozen te vergoeden, dit via het financieren van de werkloosheidsuitkeringen. Tijdelijke werklozen mogen rekenen op een uitkering ter hoogte van 70% van hun salaris. Ook de zelfstandigen die zonder inkomsten zijn gevallen mogen rekenen op een tegemoetkoming. Van de Europese Commissie werd de toestemming bekomen om de bedrijven te ondersteunen voor een bedrag van 50 miljard euro. Die ondersteuning behelst onder andere het geven van garanties op bankkredieten op korte termijn en ook van kredieten die direct toegestaan worden. In het ergste geval kan zelfs aan nationalisering gedacht worden, zoals bijvoorbeeld in het geval van Brussels Airlines. Er is dus een uitgebreid pakket aan maatregelen aangekondigd.  

We hoeven u uiteraard niet te vertellen dat deze maatregelen geld gaan kosten, veel geld zelfs. Al die uitgaven gedaan door de overheid zullen het tekort op de begroting ver boven de 3% duwen die volgens het verdrag van Maastricht was afgesproken. Het deficit kan in ons land zelfs oplopen tot 7,50%, wat overeenstemt met een bedrag van 30 miljard euro…Bovendien zullen deze uitgaven niet gecompenseerd worden door inkomsten, want de economie bevindt zich namelijk in een recessie.

Dat heeft er toe geleid dat sommige economen een waarschuwende vinger hebben gestoken. Dat deed bijvoorbeeld Geert Noels, die in de pers waarschuwde dat we de geldkraan niet voluit open mogen draaien om meer publieke uitgaven te doen. Zo’n gedrag zou namelijk getuigen van een gebrek aan verantwoordelijkheidszin ten opzichte van de komende generaties. We staan met andere woorden voor een verscheurende keuze: ofwel toelaten dat de economie als gevolg van de pandemie in een diep gat valt, ofwel de toekomstige generaties belasten met een schuldenlast van ongekende omvang. Eigenlijk komt het dus neer op een keuze tussen de pest en de cholera.

Uiteraard is ons land niet het enige land dat zich in deze situatie bevindt. Alle landen zijn in hetzelfde bedje ziek, met dank aan het Coronavirus. Zelfs het economisch machtige Duitsland heeft een steunplan goedgekeurd voor een bedrag van bijna 1.000 miljard euro. Daardoor zal ook het deficit op de Duitse begroting de pan uit swingen. Blijft de vraag hoe dit alles gefinancierd moet worden.

Een eerste mogelijke bron : de emissie van obligaties

De regeringen staan dus voor de opdracht om enorme tekorten op de begroting te financieren. Hoe kunnen ze dat doen ? Op de eerste plaats kan beroep gedaan worden op de obligatiemarkt. De rentevoeten zijn momenteel erg laag, in veel gevallen zijn ze zelfs negatief. Zelfs wanneer obligaties worden uitgegeven met een looptijd van 10 jaar zal de schuldenlast draaglijk blijven. Op voorwaarde uiteraard dat er geen stijging van de rente komt.

Voor Duitsland, dat zich tot doel heeft gesteld om in 2021 opnieuw een begroting in evenwicht te krijgen, stellen zich weinig of geen problemen. Dit land kan namelijk aan negatieve rentevoeten lenen. Op zoek naar een veilige vluchthaven hebben de beleggers zich massaal tot de Bunds gewend. Ook al bieden die een negatieve rentevoet.

Maar in andere landen is de situatie heel wat minder rooskleurig. Dat is bijvoorbeeld het geval in Italië, dat met een chronisch tekort op de begroting geconfronteerd wordt. De rente op Italiaanse staatsobligaties vertoont opnieuw een stijgende trend. Als klap op de vuurpijl is dit land nog één van de landen die het ergst door het Coronavirus wordt geteisterd.

De situatie ligt dus moeilijk voor de Italianen, maar ook Frankrijk, Spanje en België kunnen de dans niet ontspringen en voelen de pijn. De risico’s van een massale crisis rond de overheidsschulden en vervolgens op een instorting van de eurozone mogen zeker niet onderschat worden.

Een tweede mogelijke bron : het drukken van geld

Om dergelijk catastrofaal scenario te vermijden, is de Europese Centrale Bank snel tussenbeide gekomen, zonder te wachten op initiatieven die op nationaal niveau genomen zouden worden. De ECB heeft een bedrag van 1.050 miljard euro in de economie van de eurozone gepompt. Christine Lagarde, gouverneur van de ECB, verklaarde dat alles op alles zou gezet worden om de euro te ondersteunen. Volgens Lagarde zijn in buitengewone tijden buitengewone maatregelen noodzakelijk. De financiële slagkracht van individuele landen is beperkt, maar die van de ECB is theoretisch onbeperkt. De centrale bank beschikt namelijk over de mogelijkheid tot geldcreatie, ze kan dus geld drukken.

Het principe is eigenlijk vrij eenvoudig: de individuele landen doen hun begrotingsdeficit exploderen om hun economie te ondersteunen, ze financieren hun uitgaven via obligaties en genieten van de garantie van de ECB die hun obligaties opkoopt.

Het gat in de begroting wordt zodoende gedekt door geld dat uit de lucht wordt geplukt.

De ECB heeft er zich toe verbonden om voor 750 miljard staatsobligaties op te kopen, evenals een bepaald bedrag aan bedrijfsobligaties. Deze aankopen komen dus bovenop het maandelijks programma ter aankoop van obligaties ter waarde van 20 miljard euro dat door Mario Draghi in november 2018 werd goedgekeurd.

Dit mechanisme wordt “Quantitative Easing” (QE) genoemd. Bedoeling is om de rentevoeten te drukken en om de spanningen binnen de eurozone te doen afnemen. Maar QE heeft eveneens economische gevolgen. Er zijn meer dan voldoende liquiditeiten in omloop, zodat bedrijven en particulieren aan zeer gunstige rentevoeten kunnen lenen. Op voorwaarde uiteraard dat er voldoende vraag is naar kredieten.

De creatie van geld uit de ijle lucht is uiteraard niet zonder risico. Ze is losgekoppeld van de echte economie en van de creatie van toegevoegde waarde, zodat het gevaar bestaat dat de inflatie wordt aangewakkerd. Dat inflatiegevaar wordt namelijk  concreet wanneer er meer geld voorhanden is ten opzichte van het aanbod aan goederen. Een tekort aan goederen vertaalt zich in hogere prijzen, dat is logisch. Met dit gevaar wordt momenteel echter geen rekening gehouden, want 10 jaar geleden zijn de centrale banken begonnen met die QE zonder dat het inflatiegevaar sindsdien het hoofd heeft opgestoken.

Een ander paar mouwen is echter of de centrale banken de geldpersen tot in het oneindige kunnen doen blijven draaien zonder dat het financieel systeem ontploft. Moeten we daarom toch maar limieten voorstellen wat betreft de schulden die landen mogen aangaan ?

Een derde mogelijke bron : het deels kwijtschelden van de schulden

De centrale banken van individuele landen en de ECB mogen niet rechtstreeks landen zelf financieren. Ze kopen obligaties op de secundaire markt via de banken die deze obligaties bezitten. De reden ligt voor de hand: wanneer de overheden ongelimiteerd geld konden lenen zonder de verplichting van terugbetaling, zouden alle remmen los gegooid worden. De ECB functioneert in dit geval dus als een soort firewall. We stellen niettemin vast dat als gevolg van de crisis de heilige huisjes één voor één sneuvelen. De Bank of England leent nu rechtstreeks geld aan de Britse schatkist. Economen als Paul De Grauwe of André Sapir zijn voorstander om bepaalde overheidstekorten te financieren via geldcreatie.

Hun voorstel, dat door sommigen positief wordt onthaald, behelst de financiering van uitgaven die rechtstreeks met de pandemie te maken hebben door de emissie van perpetuals met nulcoupon die op de balans van de ECB belanden. Een ander nog radicaler voorstel is het omzetten van de staatsobligaties in handen van de ECB door perpetuals. Of met andere woorden: door obligaties die nooit terugbetaald zullen worden. Daardoor zou ongeveer 20% van de overheidsschulden in de eurozone kwijtgescholden worden.

Een vierde mogelijke bron : de bijdrage van de Europese Unie

De EU beschikt eveneens over belangrijke hefbomen. Sommige waarnemers zijn van mening dat die tot dusver te weinig werden gebruikt. De Europese Commissie heeft de lidstaten toestemming gegeven om hun begrotingstekort de drempel van 3% te laten overschrijden. De EC beschikte gezien de ernst van de crisis overigens over weinig andere keuzemogelijkheden dan die overschrijding toe te laten. In maart werd de oprichting van een investeringsfonds van 25 miljard euro ter bestrijding van de crisis aangekondigd. De leiders van de EU hebben inmiddels ook een akkoord bereikt over een extra steun van 540 miljard euro voor de meest getroffen economieën.

Van deze 540 miljard zal 200 miljard aan kredieten beschikbaar gesteld worden door de Europese Investeringsbank (EIB) aan bedrijven uit innovatieve sectoren. 100 miljard is bestemd voor de tijdelijke werkloosheid en tenslotte wordt 240 miljard door het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) beschikbaar gesteld voor landen die er om zouden vragen. Deze kredieten zullen geval per geval goedgekeurd worden, waarbij aan een aantal voorwaarden moet worden voldaan. Eén van die voorwaarden is dat de eigen financiën goed bewaakt worden.

Dat is eigenlijk een absurde voorwaarde op een moment dat Europa hard wordt geraakt door de pandemie. Er is bovendien een niet te onderschatten verschil tussen Noord- en Zuid-Europa. Het economisch sterke Noord-Europa (Duitsland, Nederland) weigert het principe van gemeenschappelijke schulden. Ze zijn ook tegen de emissie van Coronabonds die speciaal bestemd zouden zijn voor landen die hard worden geraakt door de crisis. Landen als Italië en Spanje zijn daar uiteraard kwaad om, deze landen zijn wel voorstander van Coronabonds.

Een vijfde mogelijke bron : de burgers brengen offers en de zakken van de belastingplichtigen worden leeggemaakt

De belangrijkste opdracht is momenteel het terugdringen van de pandemie. Zodra het Coronavirus aan banden is gelegd, kan de economie weer op de rails gezet worden. Voorlopig zijn er echter nog heel wat onzekerheden waar we (nog) geen raad mee weten.

We hoeven ons echter geen illusies te maken: er zullen van de burgers offers gevraagd worden. Of zoals Elio Di Rupo het onlangs uitdrukte: “Iedereen zal een deel van zijn inkomsten verliezen”. De inwoners van ons land zullen hun steentje moeten bijdragen en dat steentje zal ongetwijfeld bestaan uit verhoogde belastingen. Di Rupo sprak ons inziens klare taal waar geen verdere uitleg aan moet toegevoegd worden.