Goldwasser Exchange

+32 (0)2 533 22 40
Van maandag tot vrijdag vanaf 9u tot 17u30

Toegang klant

Loont het nog de moeite om in China te investeren?

Het is zo klaar als een klontje, we hebben hier te maken met het klassieke dilemma tussen rendement en risico. Als er een ding is waar wij, de beleggers, niet van houden dan is het wel overheidsinmenging. Dat vergroot de risico's.

De Beurs van Sao Paolo is er een bevoorrechte getuige van geweest. Enkele maanden geleden heeft president Bolsonaro een generaal aan het hoofd van Petrobras gezet. De koers van de oliegigant kwam meteen op losse schroeven te staan. Vandaar dat men zich de vraag kan stellen of het  het verhoogde risico door het interventionisme van de Chinese overheid nog aanvaardbaar is? Het antwoord van de markt was een duidelijke 'neen'. Vandaag zou dat antwoord eerder 'ja, maar...' zijn.

Gans het Chinese beursuniversum davert op zijn grondvesten

Sedert 1 januari heeft de MSCI China index 12,8% ingeboet. De laatste drie maanden lag de daling zelfs op 13,69%. Dat is gigantisch als men weet dat die index 85% van het Chinese aandelenuniversum vertegenwoordigt, waaronder de ADR's (American Depository Receipt), de vehikels waarmee er in Chinese aandelen die in New York noteren, belegd kan worden. Het is soms nodig om bepaalde zaken extra te benadrukken, zeker zaken van zo'n enorme omvang. Het ganse Chinese beursuniversum heeft wel degelijk 12,18% verloren sedert het begin van het jaar. 

Achter dit enorme cijfer gaan er echter nog andere - veel ergere - schuil. Het zijn vooral de in New York genoteerde Chinese waarden die er van langs kregen. Degene die onderuit gingen waren de meest bekende, zoals Tencent, Alibaba en Baidu. De eerste twee verloren in dollar deze zomer 40% ten opzichte van februari, de derde quasi 55%. En wat alles nog erger maakt: dat zijn waarden - zeker de eerste twee - die tot de Chinese top 5 behoren van de bedrijven met de grootste beurskapitalisatie. 

Hoe is het mogelijk dat China, waarvan alle grafieken aantonen dat het als eerste - met een ongezien dynamisme - het economische drama ten gevolge van de pandemie achter zich kon laten (de MSCI China sloot 2020 af met een stijging van bijna 30%), zo een zware klop van de beurshamer kon krijgen omdat president Xi Jinping besloot dat het gedaan was met de speeltijd? Eigenlijk heeft Xi Jinping gereageerd als een... goede communist! In hoeverre de vergelijking opgaat weten we niet, maar om de woorden van Elio Di Rupo te gebruiken: we kunnen ervan uitgaan dat de Chinese president 'lak heeft aan parvenus.' De lokale miljardairs, zoals de beroemde Jack Ma, staan niet langer op een goed blaadje. De Chinese Jan Modaal raakt erg geïrriteerd door de arrogantie van deze oligarchen. 

Heel speciale bedrijven voor privélessen

Het is ook door de ingrijpende tussenkomst van de Chinese leider dat we ontdekt hebben welke belangrijke plaats ondernemingen als New Oriental Education & Technology Group of TAL Education ingenomen hebben in het dagelijkse leven van de Chinezen. Die bedrijven zijn méér dan gewoon instellingen voor privéonderwijs. In China worden – naar Angelsaksisch model – de beste leerlingen van de beste scholen reeds op jonge leeftijd klaargestoomd voor hogere studies. Om niet achterop te hinken investeren de ouders naar het schijnt 10%, zelfs tot 15%, van hun inkomen in privélessen. Zelfs in het communistische China kan men – excuseer: kón men – rijk worden door privélessen te geven! De instellingen die deze bijkomende opleidingen aanboden waren intussen mastodonten geworden. Op zijn hoogtepunt flirtte New Oriental Education bijvoorbeeld met een beurswaarde op Wall Street van bijna 15 miljard dollar. Xi Jinping hanteerde de botte bijl: mutatis mutandis, die ondernemingen moesten zich omvormen tot… een vzw!

Maar daarmee is de kous niet af. Deze mokerslag moeten we natuurlijk zien in het kader van de handelsoorlog met de Verenigde Staten, die steeds meer op een hoogoplopende strijd begint te lijken om het mondiale economische leiderschap. De Chinese overheid lijkt het steeds minder te appreciëren dat westerse beleggers een voorkeur hebben voor Chinese aandelen die op Wall Street genoteerd staan in plaats van die die in Hongkong noteren of op een van de vele beurzen die het Chinese vasteland rijk is. Sommige fondsen zagen de bui hangen. Ze slaagden erin de schade te beperken tot net geen 5% doordat de beheerders zich toespitsten op aandelen die in Hongkong of op het Chinese vasteland genoteerd staan. Het waren namelijk vooral de offshore-genoteerde aandelen die het hard te verduren kregen. Geopolitiek speelt dus een belangrijke rol in het portefeuillebeheer. 

Een geval-Lehman Brothers in vastgoed

Terwijl we dit schrijven vormt de Chinese markt het epicentrum van een nieuwe aardverschuiving op de beurs. Vastgoedreus Evergrande (beurswaarde +5.000 miljard dollar) heeft aangekondigd niet langer in staat te zijn de intresten op zijn schulden (meer dan 300 miljard dollar) af te betalen. Reuters heeft het over een systemisch risico, een soort Lehman Brothers in vastgoed made in China. Zal de Chinese overheid ingrijpen? Een maand geleden pompte ze 7 miljard dollar in de financiële groep Huarong die op ineenstorten stond. De nationale trots speelt natuurlijk ook een rol en we weten hoe belangrijk die kan zijn.

China is en blijft een markt voor de toekomst. We moeten er niet wegblijven omdat de Communistische Partij af en toe een ruk naar links geeft. Zowel daar als elders is diversificatie van primordiaal belang. U belegt best in Chinese aandelen die genoteerd staan in Hongkong of op het Chinese vasteland. Voor sommige fondsen is net dat hun job. Uw financieel raadgever zal er u alles over vertellen.